Headline

< terug
Door Kees Baan, lid NSR.

In december 2018 verscheen op de facebook-pagina van NSR een opmerkelijk oproepje van een lid. Er was, zo luidde het bericht, een ex-gedetineerde die net op vrije voeten was en een tijdelijk onderkomen zocht. Mijn huisgenoot Peter en ik hadden kort daarvoor nog een Nepalese student opgevangen en ook nu waren we allebei direct enthousiast. Na kort overleg besloten we Dennis* in huis te nemen, niet wetende wat ons te wachten stond.
 

Onlangs kreeg Dennis een woning toegewezen vanuit een instantie die hem hulp verleent. In de tien maanden dat hij bij ons heeft gewoond, zijn een aantal dingen gebeurd die me bij zijn gebleven. Eén daarvan begon toen ik in de Blokker het idee kreeg om een cadeautje voor Dennis te kopen. Niet omdat hij jarig was, maar zomaar. Thuis gaf ik dit aan hem, en hoewel hij vriendelijk bedankte, leek het niet alsof er iets bijzonders gebeurde. Korte tijd later echter vertelde Peter dat Dennis tegen hem had verteld dat dit de eerste keer in zijn leven was dat iemand hem zomaar een cadeautje gaf. Ik wist dat Dennis een behoorlijk gebroken leven achter de rug had, maar dat nooit iemand hem op die manier blij heeft willen maken, liet opeens heel concreet zien hoe het kan zijn om op te groeien zonder de liefde van Jezus.
 
Wat ik me ook zal blijven herinneren is iets wat Dennis onlangs op zijn verjaardag vertelde over onze eerste ontmoeting. Ik ontmoette hem op een decembermiddag in het centrum van Rotterdam, met als enige voorkennis dat hij een man was die net een week niet meer opgesloten zat en dus een strafblad had. We maakten kort kennis en omdat hij bij ons zou wonen stelde ik voor om gelijk sleutels bij te maken, zodat hij zelf het huis in en uit kon. Achteraf bleek dit grote indruk op hem te hebben gemaakt. Dat hij zonder daar iets voor te doen, zoveel vertrouwen kreeg van iemand die hij nauwelijks kende. Dit liet me zien dat als Gods onvoorwaardelijkheid in ons leven ook maar een klein beetje werkelijkheid wordt, ons leven misschien niet veiliger of comfortabeler maar wel een stuk avontuurlijker wordt.
 
Tegelijk moet ik zeggen dat Dennis Jezus nog niet echt heeft leren kennen. We hebben ons best gedaan om hem hierbij te helpen, maar er is geen sprake geweest van een spectaculaire bekering of enorme geestelijke doorbraak. Dennis staat niet voor allerlei gemeenten om zijn verhaal te vertellen over hoe Jezus’ liefde zijn leven heeft veranderd. Baal ik hiervan? Om eerlijk te zijn, stiekem wel. Dennis staat nog altijd op mijn vaste bidlijst en ik blijf hopen op een krachtig ingrijpen van God in zijn leven. Toen ik hier onlangs over nadacht, moest ik er aan denken dat het niet aan ons is om te oordelen over of Hij wel of niet aan het werk is. God roept ons tot het uitleven van dezelfde liefde waarmee Hij ons ook geroepen heeft. Ik hoop dat die liefde, in welke mate dan ook, de afgelopen tien maanden duidelijker mocht worden voor Dennis.
 
*De naam Dennis is gefingeerd