< terug

“Kleine groepen zijn te klein.” Dat schreven we eerder op deze site. In de kerk werken we te vaak met te kleine groepen. En verwachten we de verkeerde dingen van die kleine groepen.

Het gevolg: de groepen die we maakten voor groei verhinderen juist die groei. De groepen die we maakten om missionair te zijn trekken weinig nieuwe mensen. De diensten die we hielden voor diepgang in geloof worden slechts geconsumeerd.

De vorige blog ging daarover: de grootte van de groep is belangrijk omdat verschillende groepsgroottes een verschillend doel dienen. In deze blog bouwen we daarop voort door 4 praktische voorbeelden te geven over hoe de verschillende groepsgroottes ingezet zijn in het jeugdwerk.

Maar eerst even samenvattend

Socioloog Joseph Myers schreef in het boek ‘The Search to Belong’ dat de grootte van een groep bepaalt waar de groep het meest geschikt voor is. Hij maakt onderscheid in 4 groepsgroottes. Deze groepsgroottes gebruiken we als lens om naar de organisatie van je jeugdwerk te kijken.

De 4 groepsgroottes zijn:
  • Publieke ruimte (75+ personen), geschikt voor HOREN
    Voorbeeld: kerkdienst of de EO-Jongerendag
  • Sociale ruimte (20-70 personen), geschikt voor DOEN
    Voorbeeld: gezamenlijke jeugdverenigingsavonden, acties zoals met stichting Present, onderwijs in de praktijk
  • Persoonlijke ruimte (6-13 personen), geschikt voor BESPREKEN
    Voorbeeld: kringen, huisgroepen, themaclubs
  • Intieme ruimte (2-4 personen), geschikt voor DELEN
    Voorbeeld: mentoraat, triades, buddysysteem.
Deze lens helpt je te kijken naar je eigen context. In de eerdere blog schreef Hans hoe het gebruiken van de sociale ruimte in zijn kerk hielp in de geloofsgroei van jongeren. Precies omdat het een veilige en uitdagende plek is om nieuwe dingen te doen.
 

Niet lukken

Het kan ook helpen om te zien waarom dingen niet lukken, wanneer je de verkeerde functie bij de verkeerde groepsgrootte gebruikt:
  • Soms zit je in een grote samenkomst en wordt er vervolgens gevraagd: Laten we delen, wie wil naar voren komen om zijn verhaal te vertellen. Het voelt vaak ongemakkelijk en als er mensen naar voren gaan, wordt het toch weer een variant op HOREN, en leidt het niet tot DOEN of BESPREKEN.
  • Andersom kan het ook zo werken: Je komt in je bijbelstudiekring en degene die die avond leidt houdt van preken. Je bent met z’n achten en de leider zegt: Ik heb de bijbelstudie voorbereid, ik praat jullie er in 5 kwartier doorheen. Daar is deze grootte niet voor bedoeld en je hebt de natuurlijke neiging om uit te gaan wisselen.
  • Vaak bespreek je in een groeigroep of kring wel dingen, maar laat je niet het achterste van je tong zien. De valkuil is dat je deze groep overvraagt in het willen delen. Dat is meer geschikt in een nog kleinere setting. Als je dus ziet dat iemand echt ergens mee zit, kun je hem of haar beter eens uitnodigen voor het eten en een persoonlijk gesprek.
In deze blog delen we 4 praktische voorbeelden met je.
Het gaat om 4 manieren waarop LEF-medewerkers de 4 groepsgroottes hebben ingezet om missionair te zijn. Sommige namen en details zijn hierbij gewijzigd.
 

Voorbeeld: Intieme ruimte

Geert: “Waar ik aan moest denken was voorbede. Voorbede voor mensen die Jezus nog niet kennen, samen met wat andere mensen. Een van de mannen die een aantal jaar mijn mentor is geweest ging structureel bidden voor zijn eigen buurman. Stukje bij beetje nam hij mij mee in het bidden voor zijn buurman. Als er iets was gebeurd, zette hij het op de app en konden we samen successen vieren."

"Ik werd meegetrokken in het avontuur dat hij aanging in het bidden voor zijn buurman. Zijn ‘Buiten’-deel van discipelschap en samen ontdekten we wat God aan het doen was in het leven van zijn buurman. Trek daarom je jogneren erbij. Samen bidden is een manier om missionair te zijn. Als je langere tijd voor mensen bidt, word je ook steeds bewogen en ga je steeds meer echt geven om die mensen.”
 

Voorbeeld: Persoonlijke ruimte

Hans: “Toen ik nog een tiener was, was er een jeugdleider met hart voor voetbal en hart voor jongeren. Hij wilde die dingen combineren. Hij dacht: ik wil met wat jongeren gaan voetballen. Met een stuk of acht jongeren die dat leuk vonden gingen we elke maandagavond voetballen op een veldje bij de kerk. Zijn idee was: Ik begin met gasten uit de kerk, maar het zou heel tof zijn als zij vrienden meenemen die ook gewoon mee komen voetballen."

"Op een gegeven moment gebeurde dat ook. Wij namen vrienden mee die niet geloofden en God nog niet kenden. Jongeren zagen dat wij daar elke week voetbalden en vroegen of ze mee mochten doen. Het mooie aan die jeugdleider was dat hij de tijd nam om dingen te bespreken. Als er iets gebeurde legde hij het spel stil om te bespreken waarom we zo niet met elkaar om zouden gaan."

"Deze ruimte is uitermate geschikt voor vriendschappen. We kregen vriendschappen met die gasten die niks van Jezus wisten. Ze kwamen mee naar jeugdclub, gingen Jezus volgen en uiteindelijk zijn er aan aantal van hen gedoopt bij ons in de kerk!”
 

Voorbeeld: Sociale ruimte

Geert: “In het jeugdwerk waar ik deel van ben hebben we ervoor gekozen ons te organiseren in groepen van 20 tot 40. We hebben kleinere kringen en grotere diensten om ook andere groepsgrootte te benutten. Maar de kern is: iedereen is deel van een groep van 20 tot 40 mensen, omdat we missionair willen zijn en mensen aan moeten kunnen haken."

"Die groep gaat vervolgens dingen doen. Eén groep is bijvoorbeeld heel sterk geicht op één dorp. Zij hebben een heel sterk hart voor dat dorp. Zij willen dat elke jongere in het dorp het goede nieuws van Gods koninkrijk gaan ontdekken. Zij doen mee met dingen die in het dorp gebeuren en georganiseerd worden. De kern van die groep mengt zich in een grotere groep. Omdat ze elkaar vaak zien en vanwege de grootte is het makkelijk voor buitenstaanders om eens te komen kijken. Ze worden gezien, maar voelen zich niet heel de avond ‘de gast’.”
 

Voorbeeld: Publieke ruimte

Margreet: “In ons jeugdwerk hebben wij eigenlijk een beetje per ongeluk missie in de publieke ruimte ontdekt. Wij organiseren in het pinksterweekend een groot tienerevent. Daar zal altijd een keuzemoment in. We hebben die vraag intentioneel in het weekend gelegd: wil je Jezus volgen? Dit event is uitgegroeid tot een event waar meerdere kerken aan meedoen en 600 tieners op afkomen. Ze vinden het makkelijker om vrienden mee te nemen naar het event, omdat het een toffe plek is."

"Dus komen er ook jongeren die ervoor open staan om Jezus te volgen. Dat hebben we per ongeluk ontdekt: hier gebeurt wat, hier komen jongeren tot geloof. Dat is tof, dat willen we intentioneler inzetten. Jongeren krijgen de uitnodiging in de massa en zeggen: ja, dat wil ik wel. Onze uitdaging is om ze te wel te zien en te kijken hoe we vervolgens met ze gaan oplopen en relaties aangaan in de kleinere groepsgroottes.”
 
De uitdaging voor jou: zie jij mismatches tussen de groepsgrootte en de doelen van je groepen? Hoe kun je experimenteren met andere groepsgroottes?
Hier met een ervaren LEF-trainer over nadenken? Neem contact op voor een training!


(Fotocredit: Anthony Intraversato)