Headline

< terug

Jelle Cruijsen volgt de Alpha cursus in zijn kerk en weet dat hij een keus voor Jezus wil maken. Tegelijkertijd gaat zijn studentenleven met feesten en alles wat daarbij komt kijken gewoon door. Er is echter wel iets wat hem belemmert: ‘Ik had er minder vaak een goed gevoel bij.’

Na de Alphacursus doet Jelle belijdenis in de kerk en geeft hij in het openbaar aan dat hij Jezus wil volgen. ‘Maar toch bleef ik dingen doen die ik eigenlijk niet wilde. Ik vroeg: Heer wilt U mijn hart bewerken en in mij komen? Na dat gebed werd ik onrustig als ik alcohol dronk, maar ik kon het niet goed achter me laten. Het was zo’n groot onderdeel van het leven wat ik samen met mijn vrienden beleefde.’

In het vierde jaar van zijn opleiding gaat hij op stage bij een zuivelbedrijf in Nieuw Zeeland. ‘Ik kreeg een heel ander leven: ik had de rust en de tijd om te ontdekken wie God is en wat Hij met mijn leven wil. Ik ging de Bijbel echt lezen om te ontdekken wat daarin gezegd wordt. Zo las ik in 1 Petrus 4 vers 3: “Want in de tijd dat jullie er nog op los leefden, hebben jullie genoeg tijd verspild met het doen wat de ongelovigen graag doen.” (BB). Het voelde voor mij alsof Jezus tegen me zei: het leven wat je nu leidt is niet oké, en dat kwam binnen. Het werd steeds duidelijker dat God van me vroeg om dat alles los te laten.’

Eén moment gaf daarin de doorslag. ‘We waren met een groep op oudejaarsdag aan het chillen op het strand. Het is dan zomer in Nieuw Zeeland. De christelijke universiteit organiseerde een wedstrijd met zandkastelen. Ze nodigden ons uit om mee te doen en gingen met ons in gesprek over het geloof. Mijn groepsleden wisten dat ik christen was en spraken daar met mij over door, maar ik kon er niet echt op ingaan, omdat ik brak was van het bier drinken op die avond daarvoor. Dat was voor mij het kantelpunt waarop ik dacht: nu is het echt klaar. Eenmaal weer in Nederland besloot ik om helemaal geen alcohol meer te drinken en om te stoppen met de intimiteit met mijn toenmalige vriendin.’

‘Terugkijkend besef ik dat ik eerder niet durfde te veranderen. Ik weet nog dat een jeugdleider vertelde dat wanneer je God vraagt om je te veranderen, Hij je gaat bewerken maar je er duizend dingen voor terug geeft. Dat kon ik toen niet zien, maar nu kan ik het onderstrepen. Ik merkte dat ik minder behoefte heb aan de soort contacten van voorheen. En als ik toch op feestjes kom kan ik getuigen over mijn geloof. Sinds ik die keus heb gemaakt, is mijn relatie met God veranderd en gegroeid. Ik ben de hele dag in gesprek met Hem en met Hem verbonden. Hij is er altijd en luistert altijd. Ik leg mijn gedachten meteen bij Hem neer; dat is een voortdurend gesprek.’

‘In Nieuw Zeeland ontdekte ik ook hoe verrijkend Bijbellezen is en dat ik dat vaker wil doen. Inmiddels is er geen dag in mijn leven dat ik niet in de Bijbel lees. En elke keer weer lees ik hoe goed God is. Iedereen kan een of andere afgod in zijn leven hebben, maar iedereen kan ook de keus maken om heiliger te leven en meer te worden zoals Hij. Voor mij was mijn keus echt een verrijking. En Hij stond met open armen voor mij klaar en verdient alle eer.’

Interview: Jeanette Vos-Spek
Fotografie: Silvano Tromp