Headline

< terug

Mattheüs 22:36-39
‘Heb de Heer uw God lief met heel uw hart en met heel uw ziel en met heel uw verstand (...) heb uw naaste lief als uzelf.’

 
Je zult waarschijnlijk, net als ik, dit gedeelte vaak hebben gelezen omdat het zo bekend is, je blijft het lezen. Afgelopen zondag ging de preek over dit grote gebod en ik merkte dat mijn gedachten afdwaalden naar mijn to-do-list en andere zaken. Mijn man boog zich naar mij toe en vertelde mij dat sommige mensen, in dit gedeelte, ‘naaste’ vertalen als ‘echtgenoot’. Dat interesseerde mij. Ik denk niet dat ik het eens ben met die uitleg, maar ik bedacht me hoe het hebben van een echtgenoot mij helpt om dit gebod in praktijk te brengen en hiermee te oefenen, oefenen en nog eens oefenen. Ik heb naasten waarvan ik weet dat God van me vraagt om van ze te houden, maar ik heb ook een echtgenoot waaraan ik heb beloofd om onvoorwaardelijk van hem te houden. Ik weet heel goed dat houden van mijn naaste en mijn echtgenoot op deze manier moeilijk is. Echt moeilijk!
 
Ik word in mijn huwelijk vaak geconfronteerd met mijn eigen egoïsme. Mijn man en ik zijn behoorlijk verschillend en soms wil ik dat hij dingen op mijn manier doet ... want dat is de beste manier. Maar onvoorwaardelijk van hem houden betekent dat we de dingen soms ook op zijn manier doen, zelfs als ik denk dat het niet de goede manier is. De was, de afwas, geld uitgeven, autorijden, schoonmaken, koken enzovoort ... we doen het allebei anders.

Ik denk niet dat van hem houden of van wie dan ook houden, mogelijk is zonder de liefde die Jezus eerst voor mij had. De heilige Geest vult mij met de liefde van Jezus en dat is mijn bron waardoor ik anderen lief kan hebben. Het is een keus om dat te doen. Ik leer nog steeds dat zijn liefde het enige is dat mij ondersteunt en mij de mogelijkheid geeft om anderen op een goede manier lief te hebben.

Over de blogger

Alycia


Alycia komt uit Texas (USA) en werkt als naventure trainer bij Navigators Nederland. In haar column vertelt zij over haar dagelijkse leven met God.