Headline

< terug

Wat zou er wegvallen en wat zou er blijven als je niet meer bij het jeugdwerk betrokken zou zijn? Het was deze confronterende vraag die Marit de Ruiter (20 jaar, student muziekwetenschap) aan het denken zette. Ze is ruim twee jaar betrokken bij het jeugdwerk in haar kerk in Dronten en doet met haar team mee met de Learning Community van LEF, waar ze een jaar geleden die vraag kreeg. Marit: ‘Ik dacht: Wat verandert er eigenlijk, wat is mijn invloed? Bijna niks. Het enige wat er niet meer gebeurt is dat ik geen thee meer zet.’

De opdracht staat bij LEF bekend als de Baboesjka-opdracht. ‘Je hebt binnen je jeugdwerk allerlei rollen en allerlei taken. En je hebt allerlei mensen van verschillende formaten die elk andere taken kunnen dragen. Net als een Baboesjka. Een groot poppetje dat veel kan dragen kun je in een groter potje, een grotere rol stoppen en een klein poppetje in een kleine rol.’

Te klein potje
Het is een veelzijdig beeld. Soms zit een klein poppetje in een te groot potje. Soms is het andersom, dan doet een groot poppetje iets dat een klein poppetje kan doen en ontneemt de ander daarmee groeimogelijkheid. Dat besef kwam bij Marit naar boven tijdens de opdracht. ‘Op een gegeven moment vroeg een van de trainers van LEF me hoe ik het vond, of ik er nog wat van had opgestoken. Mijn antwoord was veelzeggend: “Ik denk dat ik in een te klein potje zit”.’
Dat gebeurde een jaar geleden. Marit sprak erover met haar teamleider en maakte plannen om verder te komen. Sinds die tijd doet ze mee met de jongerenkring van haar teamleider, om zo langzaam in een grotere rol te groeien.

Sleeptouw
Een half jaar later was Marit met haar team op het volgende trainingsweekend van LEF. Toen elk team voor de grote groep een verslag van het afgelopen half jaar moest geven, werd de verandering bij Marit zichtbaar. ‘Er waren dat weekend een aantal mensen van ons team voor het eerst en een paar anderen kwamen later. Ik was op dat moment de enige die ook op het weekend daarvoor was geweest. Daarom had ik zoiets van: Ik ken deze situatie al, ik moet het team nu wel op sleeptouw nemen, dan kunnen ze zich aan mij optrekken.’
En zo vertelde Marit voor de grote groep hoe het in hun jeugdwerk gegaan was. Dat was een flink groter potje voor haar. ‘Als iemand mij een paar maanden eerder had verteld dat ik dat zou doen, zou ik diegene behoorlijk voor gek hebben verklaard.’

Mijn verhaal doet ertoe
‘Ik durf nu binnen ons team makkelijker het initiatief te nemen en heb steeds meer het idee dat mijn mening, mijn verhaal er wel toe doet. Ik durf de dingen meer uit te spreken binnen onze kring met de jongeren, gewoon als ik iets denk en vind dat het nuttig zou zijn.
Je bent goed zoals je bent. Dat is wat ik zelf ook gemerkt heb. Ik dacht van tevoren dat er niet zo veel met mij te beginnen was, maar het tegendeel is waar.’

Interview: Matthijs den Dekker