Headline

< terug

‘Het was alsof God zich achter een wolk had teruggetrokken. Ik kon hem niet meer ervaren of bereiken. Het was een woestijnervaring zoals je die in de Psalmen tegenkomt.’ Deze woestijnervaring had een levenslange impact op Gert-Jan Segers, fractievoorzitter van de ChristenUnie.
 
‘Als zoon van ouders die zich geroepen wisten om kerkplanter te worden, leerde ik dat je gehoorzaamt als God je roept. Dat werd de rode draad in mijn leven. Op mijn achttiende kwam ik tot geloof en beloofde ik dat ik levenslang zijn getuige wilde zijn, maar toch kwam er een crisis in mijn geloofsleven. Ik ging studeren en werd lid van een reformatorische studentenvereniging. Ik merkte dat ik prima kon discussiëren, maar niet de beste antwoorden gaf als ik bevraagd werd over mijn geloof. Ik besefte dat ik me daar meer in moest verdiepen en dat deed ik. Toen mijn vader plotseling overleed was ik overtuigd van zijn plek in de hemel en mijn geloof betekende in die situatie veel. Maar een paar jaar later, na het zien van een documentaire over dementie, ontviel het geloof mij van het ene op het andere moment. Het leven was opeens totaal zinloos zonder een liefhebbende, genadige God. Die documentaire was de aanleiding, maar er was een diepere geestelijke oorzaak. Op mijn studentenvereniging was God ook een discussieonderwerp waarmee je elkaar om de oren sloeg. In mijn trots dacht ik dat ik die discussies kon winnen. Het was alsof God zei: Jij weet het toch allemaal zo goed over Mij en je kunt mensen daarmee onder tafel praten, doe het dan maar in je eentje. Mijn geloof, mijn vreugde en het vertrouwen in God, het was allemaal weg. Het is een les die ik nooit ben vergeten. Ik kreeg een enorme heimwee naar Hem en ik geloof dat God dat verlangen in mijn hart legde. Ik wist dat als mijn geloof weer terugkwam, dat dat alleen van God kon zijn en niet van mij. Ik ben totaal afhankelijk van Hem. Gelukkig ging God weer spreken door de Bijbel en gebed. En langzaam kwam het licht weer in mijn leven. Op kruispunten in mijn leven maakte Hij heel duidelijk welke kant ik op moest gaan: de zending, de politiek en ik gehoorzaamde. Hij heeft mij nooit in de steek gelaten en mij op plekken gebracht waarvan ik dacht dat ik daar nooit zou komen.’
 
‘In mijn werk moet ik soms moeilijke besluiten nemen en God speelt daarbij altijd een rol, al krijg je geen briefje uit de hemel. Ik bid ervoor, raadpleeg anderen en ik geloof dat God mij wijsheid geeft en de juiste gedachten. Er zijn weinig onderwerpen waarin ik voor 100% zeker kan zeggen dat het van God komt, maar er zijn wel momenten waar ik zijn leiding specifiek ervaar. Zo was ik eens bij een hulpverleningsorganisatie die slachtoffers van gedwongen prostitutie hielp. Tijdens de maaltijd zat ik tegenover een Ghanese vrouw en de doodse blik van totaal kapot zijn ben ik nooit meer vergeten. Slavernij is al 150 jaar verboden, maar tegenover mij zat een recent slachtoffer van slavenhandel die kapot was gemaakt door ons westerlingen. Dat was het begin van zoeken naar beleid en wetgeving. Dat ging eerst moeizaam, maar toen ik het losliet en in Gods handen gaf, kwamen spontaan mensen van de SP en de PVDA naar mij toe om mee te doen. Met een nipte meerderheid werd de wet aangenomen in de Tweede Kamer en onlangs met een brede meerderheid in de Eerste Kamer. Ik geloof dat wanneer iets je diep raakt, God je vraagt daar iets mee te doen en Hij dat vervolgens zal zegenen.’
 
‘Als ik God vragen zou mogen stellen in de tweede kamer dan zou ik hem bevragen over het lijden wat wij niet zelf veroorzaken, maar wat ons overkomt. Een vroegtijdig sterven van iemand, een tsunami of een aardbeving bijvoorbeeld. Ik begrijp dat echt niet. Maar ik zou Hem nooit ter verantwoording roepen, want ik vertrouw Hem als mijn Vader. Ik zou wel vragen waarom, waarom hij, waarom zij, waarom toen. Kon dat echt niet anders?’
 
‘Mijn passie en motivatie voor dit werk is er ik omdat ik niet in mijn eentje christen ben. Ik heb inspirerende mensen om mee te praten en naar te luisteren. Ik heb een vaste rustdag per week, de zondag, die ik besteed aan familie, de kerk en aan God. Een keer per maand heb ik een intervisiegroep, mensen buiten de politiek. Ik wandel ook maandelijks met een aantal mannen waarmee ik samen bid en we ons leven delen en een keer per jaar trek ik me terug in een klooster waar ik de stilte opzoek en me opnieuw oplaad. Die ritmes heb ik nodig om aangeraakt te worden door wat mij wordt aangereikt, om wijsheid en correctie van anderen te ontvangen en om God tot me te laten spreken.’
 
‘Het moeilijkste in mijn werk vind ik de nare kritiek van christenen, want dat zijn mijn broers en zussen. Ik heb geen moeite met eerlijke kritiek, want ik maak ook fouten, maar als mensen zeggen: jij bent geen echte christen, of hoe kun jij als christen dit doen, of als jij een echt christen was ... dat vind ik een moeilijk aspect van mijn werk. Het mooist vind ik als je echt een verschil kunt maken in het leven van mensen, zoals met de wet tegen gedwongen prostitutie.’
 
Tip voor navigators
‘Zorg dat je geloof niet alleen emotie is, al is dat ontzettend belangrijk. Heb niet alleen met je hart lief maar ook met je verstand. Ik had matige antwoorden in mijn studententijd, zorg dat je de goede antwoorden hebt. Er zijn veel christenwetenschappers die over de ingewikkelde vragen hebben nagedacht. Lees hun boeken. Ten tweede, ons hart is vaak verdeeld, een beetje van God en een beetje van de wereld. Zet al je kaarten op God en leef je leven met een onverdeeld hart. En tenslotte, ik had vooral vriendschappen met mijn christen medestudenten, dat had ik anders moeten doen. Trek ook op met studenten die niet geloven en deel je leven met hen.’
 
Interview: Marieke Boersma-Lensen
Fotografie: @ mirjam van klaarbergen photography