Headline

< terug

Als een christen die op jonge leeftijd geconfronteerd werd met homoseksuele gevoelens, worstelde ik met een mogelijke toekomst waar ik single of celibatair zou blijven. Het volgen van Jezus als een discipel betekende dat ik alles wilde overgeven aan Hem, mijn diepste kern, waaronder mijn seksualiteit. De keuze om geen homoseksuele relatie aan te gaan was niet de eindconclusie, maar juist het beginpunt van een zoektocht naar hoe mijn leven vorm te geven. Wat betekent het voor mij dat het ‘niet goed voor de mens is, dat hij alleen is’. Waar vind ik intimiteit, gemeenschap en diepe vriendschap in mijn leven? En waarom noemt Paulus het ‘de gave van single zijn’ in 1 Korintiërs 7:7, terwijl bijna iedereen het een last lijkt te vinden? Ik moest tot een dieper begrip komen om het werkelijk als een gave te zien, in plaats van de valse waarheden te geloven die binnen onze (christelijke) cultuur ontstaan zijn.

Allereerst heeft Paulus het over de roeping (en status) van single zijn en de roeping (en status) van getrouwd zijn, als uitsluitend uitwisselbaar. Je hebt óf de ene óf de andere gave, er is geen alternatieve optie. Dat betekent dat ik als single niet kan zeggen dat ik de gave van single zijn niet heb, zoals mijn getrouwde vriend niet kan zeggen dat hij de gave van getrouwd zijn niet heeft. We hebben allebei die specifieke gave, zelfs al verlangen we soms anders. Het gaat om de status die jou gegeven is op dit moment, niet primair om je verlangen.

Niet alleen voor jezelf
Ten tweede is een gave van God nooit bedoeld om voor mezelf te houden, maar om aan de ander te geven. Zoveel mensen verwachten dat de gave van romantiek, seks en huwelijk een gave tot compleet zijn en vervulling is voor henzelf. Maar het huwelijk is een beeld van de zelfopofferende liefde van Christus, als een gave aan zijn gemeente. Dat betekent ook dat de gave van getrouwd zijn niet alleen een zelfopofferende liefde tussen echtgenoten is. Wanneer twee personen samen één worden, is het ook voor deze ‘eenheid’ niet goed om alleen te zijn. Getrouwde mensen zijn geroepen om ook zichzelf zelfopofferend te geven aan anderen buiten hun eenheid.

Op gelijke manier heb ik als single en celibataire man dezelfde roeping. Mijzelf zelfopofferend geven aan anderen. Ik doe dat misschien met andere uitingen en capaciteit dan mijn getrouwde vrienden, maar we zijn ieder in onze eigen gave, tot hetzelfde geroepen. Deze roeping om jezelf compleet te geven aan de ander, is een even grote uitdaging voor getrouwden, als voor single volgelingen van Jezus, ongeacht seksuele oriëntatie.

Even waardevol
Het is belangrijk dat we het huwelijk niet idealiseren en dat wij het celibataire leven als even waardevol gaan zien. Het is zoals Russel Hobbs in zijn dissertatie ‘Toward a protestant Theology of Celibacy’ zegt: ‘Protestanten hebben een gave van God opzijgeschoven. Jezus presenteerde deze gave persoonlijk aan zijn kerk. Al 1500 jaar vonden christenen dit belangrijk en dankten zij God hiervoor. Maar toen zij het belangrijker maakten dan het huwelijk, protesteerden Luther en de andere hervormers daartegen. Vandaag, vijfhonderd jaar later, moet het celibataire leven zijn rechtmatige plek bij de afstammelingen van de hervormers, terugkrijgen. Protestanten moeten deze gave in ere herstellen, gelijkwaardig naast de gave van het huwelijk.’

Onzichtbare muur
Toen veel van mijn goede vrienden trouwden en kinderen kregen, worstelde ik met mijn plek ten opzichte van het gezin. Er lijkt soms wel een onzichtbare muur tussen singles en getrouwden te staan. Met name in de kerk lijkt het wel dat je eigen gezin belangrijker is geworden dan het gezin van God. We zijn niet gewend om een gemeenschap te bouwen waar getrouwden, gezinnen en singles samen het leven met elkaar delen.

Dit is niet alleen ten nadele voor singles, maar net zo slecht voor getrouwde stellen en gezinnen. Journalist Andrew Sullivan zegt in ‘Love Undetectable’: ‘Families en huwelijken falen te vaak omdat ze teveel menselijke behoeftes willen vervullen. Een echtgenoot moet zowel een geliefde, een vriend, een moeder, een vader, een soulmate, een collega enzovoorts zijn. Maar weinig mensen zijn dat allemaal tegelijk voor een persoon. Als de eisen zo hoog worden, kan er alleen maar teleurstelling volgen. Als echtgenoten diepere en sterkere vriendschappen hebben buiten het huwelijk, dan heeft het huwelijk meer ruimte om te ademen en minder lasten te dragen.’

Hoe zou het leven binnen het gezin van God eruitzien als we onze roeping, als getrouwden en als singles, zien als een gave aan elkaar? Wat zou er gebeuren als de interacties tussen getrouwden en singles zelfopofferend zijn, in plaats van een bedreiging voor onze (getrouwde) relatie of voor ons onafhankelijke leven?

In het eeuwige perspectief van Jezus’ Koninkrijk zal er geen huwelijk of celibatair leven meer zijn als reflectie van de eenheid van Christus en zijn kerk, omdat we dan ten volle in die eenheid zullen leven. We hebben dan een perfecte eenheid, niet alleen met Christus zelf, maar ook met al onze broers en zussen, waar we diepe en intieme relaties mee zullen ervaren.

Ik verlang ernaar om me uit te strekken naar deze hemelse realiteit in het hier en nu. Dat zijn Koninkrijk komt, aanwezig is en groeit onder ons. Want ik ben overtuigd dat juist deze vorm van gemeenschap, mensen aantrekt tot zijn Koninkrijk, om daar tot leven te komen en een thuis te vinden in Hem en zijn familie.

Tekst: Laurence Koo
Fotografie: @Mirjam van Klaarbergen photography