Headline

< terug

Bemoedigen is de rode draad in zijn leven. In het vele wat hij doet springt dat er elke keer weer uit. Al die christenen in de frontlinie van het leven, studenten, ondernemers, onderwijzers enzovoorts, bemoedigen en helpen om als discipel van Jezus te leven. Dat is het verlangen van Ron van der Spoel. ‘Ik ben jaloers op Barnabas. De apostelen noemden hem op een gegeven moment ‘zoon van de bemoediging’, wat zou ik graag die naam dragen.’
 
Ron had al jong een diep geloofsleven. Hij wist al heel vroeg dat hij predikant zou worden. ‘Ik was tien en stond me aan te kleden toen ik opeens heel duidelijk een stem mijn naam hoorde zeggen: Ron! Ron! Het was een soort Samuel ervaring. Ik heb niets gezegd, maar wist direct tot diep in mijn botten dat dit God was en dat ik Hem moest dienen. Mijn ouders vertelden onlangs nog hoe mijn gezicht bijna licht gaf toen ik naar beneden kwam rennen. Als Mozes die van de berg kwam. Vanaf dat moment wist ik dat ik theologie zou gaan studeren, maar ik besefte niet hoe dat mijn wereld op zijn kop zou zetten.’
 
Geloof kwijt
‘Nadat ik mijn vooropleidingen op veilige, goed gereformeerde scholen had doorlopen, begon mijn studie in Utrecht. Tijdens het allereerste college wachtte mij ook de eerste grote schok. De professor zei: “En dan zijn er ook van die jongetjes die denken dat ze door God zelf geroepen zijn!” De hele zaal lag blauw van het lachen en ik dacht, maar dat heb ik meegemaakt. In die eerst fase stortte alles in. De Bijbel klopte niet, niets van wat ik altijd als zo waar had beschouwd klopte nog. Ik raakte mijn geloof totaal kwijt. Anderhalf jaar lang, de afschuwelijkste periode in mijn leven, want ik was God kwijt. Toch bleef ik theologie studeren, want mijn roeping was sterker dan mijn geloof. Mijn roeping kon ik niet ontkennen. Op een dag, terwijl ik een paper moest schrijven over Blaise Pascal, las ik zijn woorden: “Wie God zoekt met een hoogmoedig hart vindt Hem niet, maar wie God zoekt met een nederig hart, zal Hem ontdekken.”. Ik ben letterlijk van mijn stoel op mijn knieën gevallen en heb gehuild als een kind. Ik wist opeens wat ik had gedaan. Ik wilde God alleen maar accepteren als ik Hem kon begrijpen. Ik was zo hoogmoedig geweest. Ik heb gesmeekt om vergeving en toen brak het licht weer door.
Natuurlijk kwam de worsteling over al die tegenstrijdigheden in de Bijbel. Toch is de Bijbel voor mij alleen maar mooier geworden. Er gebeurt iets als ik erin lees, dan spreekt God, dus is dit van God!’

Passie voor preken
‘Tijdens een theologiestudie leer je niet wat het betekent om geestelijk leiding te geven aan een gemeente, of hoe je moet preken. En ik was niet de enige dominee die daar tegenaan liep. Ik ontdekte dat in andere landen dominees elkaar daarom ontmoeten. Nadat ik in het Nederlands Dagblad had geschreven dat ik in Nederland zoiets miste, kwamen daar zo overweldigend veel reacties op, dat ik samen met Jos Douma ‘Passie voor preken’ heb opgericht. We trainden predikanten, en al snel werd het een bloeiende beweging waar meer dan 2000 dominees aan mee deden. Als gevolg daarvan werd ik ook gevraagd om zakenmensen te helpen met spreken. Samen met CBMC werden ook daar trainingen voor opgezet. Het belangrijkste was dat mensen spraken vanuit dat wat zij zelf hadden doorleefd. Geen show, maar echt uit je hart.’

Open Doors
‘Terwijl ik daar mijn handen vol aan had, ontmoette ik Anne van der Bijl van Open Doors. Ik kende hem, en zijn organisatie niet, maar dat veranderde snel. Er bloeide een mooie vriendschap op en Anne nodigde me uit om dezelfde trainingen te gaan geven in andere landen. De eerste keer ging daar werkelijk alles mis en werd het hotel naast me zelfs getroffen door een zelfmoordaanslag. Maar wat heb ik genoten! Ik leer zoveel van de mensen die vervolgd worden voor hun geloof. Elke keer beginnen we daar met een dag of middag van gebed. Ik ga dan de diverse groepjes langs om met hen te bidden. Als ik vraag waarvoor noemen ze niet de moeilijke situaties waarin ze leven. Nee, ze noemen steevast hun stad of hun land. Ik besefte dat ik wel voor mijn gemeente bid, maar nooit voor Amersfoort of Nederland. Dat ben ik gaan doen. En mijn ervaring is dat als je voor iets gaat bidden dan word je bewogen. Ik ging anders naar de mensen kijken, naar de stad kijken. En God heeft die hartgesteldheid gebruikt. Ik werd gevraagd voor de ChristenUnie in de gemeenteraad. Als je bidt voor de stad gaat God je gebruiken. Voor studenten is dat ook belangrijk. Je woont als student lang genoeg in een stad. Ga iets betekenen en gebruik daar de lokale kerk bij, die heeft je nodig!’

Bidden voor je stad
‘Bidden voor je stad is niet het enige wat ik leerde van vervolgde christenen. Ze vertellen de vreselijkste verhalen, maar toch stralen ze. Dan vraag ik hoe kan dat? De reactie is steevast: “We zijn alles kwijt, maar wij hebben Jezus! In de zwaarste omstandigheden is Jezus zo dichtbij, dat is een onwaarschijnlijke rijkdom. Jullie hebben het moeilijker, jullie moeten elke dag kiezen. Wij hebben geen keus, het is Jezus of niks. O ja, het doet pijn, elke marteling, maar Hij is zo dichtbij!”
Wij houden zo vast aan ons comfort, en zij zeggen God zorgt voor ons, ook al raak je alles kwijt. Wij zijn vaak bang om te spreken, zij kunnen hun mond niet houden.
Ellende hoeft niet de beroerdste periode in je leven te zijn. Ook wij zeggen vaak na een moeilijke periode, door bijvoorbeeld ziekte, ik had het niet willen missen. Jezus ging die route, dus neem je kruis op en wees bereid om dat samen met Jezus te doen. Dan ontdek je dat zijn last licht is en zijn juk zacht is. Als je nu kiest om in alle gewone dingen van de dag dichtbij Jezus te blijven en in alles van Hem afhankelijk te zijn, dan kun je dat ook als het moeilijk wordt.’
 
‘Aan Navigators zou ik zeggen, als Jezus zegt volg mij dan heeft dat vooral te maken met luisteren en ontvangen. Mijn tip is, luister meer. Wij zijn nogal doenerig, dus luister meer!’
 
Interview: Marieke Boersma-Lensen
Fotografie: @Mirjam van Klaarbergen Photography